©   e-design - Jan Engelblik
Stinzentuin Mildenburg

Paddenstoelen en mossen in en rond de tuin

TOP

Aardster - Gekraagde aardster

Geastrum triplex De Gekraagde aardster is een buikzwam.  Een buikzwam heeft een vruchtlichaam, dat vaak bolvormig, knolvormig, peervormig of stervormig, is. Met een zeer korte steel of zonder steel. De Gekraagde aardster is in Nederland en België de meest algemene aardster. Soms te verwarren met de Roze aardster, de Gewimperde aardster, de Viltige aardster, de Slanke aardster en de Tuinaardster. Deze forse aardster heeft een vruchtlichaam dat aanvankelijk uivormig is. Bij rijping scheurt de houtige buitenwand open en ontvouwt zich tot een ster met 5 tot 7 slippen. Dan komt er een ongesteelde stuifbal tevoorschijn, die perkamentachtig is en een centrale opening heeft. Als de Gekraagde aardster rijp is, verstuift hij sporen via het gaatje aan de bovenkant. De Gekraagde aardster heet gekraagd omdat vaak een deel van de buitenwand niet taai genoeg is om de omkrullende slippen te volgen, daardoor losscheurt en als een kraag om het vruchtlichaam blijft staan. Bron: IVN Voorte-Putten Rozenburg

Bekermos

Cladonia Anders dan de naam doet vermoeden is Bekermos geen mossoort, dus geen plantje, maar een korstmos, een samenlevingsvorm van een wier en een schimmel. Bekermos behoort, evenals rendiermossen en heidestaartjes tot de Cladonia-groep. Van de ongeveer 350 soorten komen er 50 in Nederland voor.

Bloedweizwammetje

Lycogala epidendrum De bloedweizwam of gewone boomwrat (Lycogala epidendrum), soms ook blotebilletjeszwam genoemd, is een slijmzwam. Slijmzwammen zijn geen schimmels maar amoebe- achtige organismen die zich kunnen verplaatsen. In de vegetatieve fase is de kleur van de bloedweizwam rozerood, in de reproductieve fase wordt het organisme grijzig of bruin. De bloedweizwam wordt algemeen in alle werelddelen gevonden. Bron: Wikipedia

Bundelmycena

Mycena arcangeliana De bundelmycena is een kleine zwam en groeit op dood hout.

Dennevoetzwam

Phaeolus schweinitzii De dennevoetzwam is onder bosbouwers gevreesd, want de paddestoel kan naaldbomen te gronde richten. Het parasitaire karakter (Necrotroof) van de dennevoetzwam betekent , dat-ie zowel op levend als dood hout kan leven. Als zo'n zwam zich op een nog levende boom vestigt, gaat die boom in zijn binnenste en aan zijn wortels rotten. In de stinzentuin leeft hij op een oude stronk

Dodemansvingers of

Houtknotszwam

Polymorpha Het rechtopstaande, knotsvormig vruchtlichaam heeft een lengte van drie tot acht centimeter en een doorsnede van een tot drie centimeter. Door de donkerbruin tot zwarte kleur en de wratachtige structuur aan de bovenzijde vertoont het uiterlijke overeenkomsten met verbrand hout. De schimmel heeft zijn soortnaam polymorpha ('vele vormen') te danken aan het feit dat er veel afwijkende vruchtlichamen voorkomen, vaak met meerdere vertakkingen. Meestal komen vruchtlichamen groepsgewijs voor, hieraan dankt de soort zijn naam 'dodemanshand' of 'dodemansvingers'.

Donzige korstzwam

Physalacriaceae Groeit op dode takken en stammen van loofbomen (kan het hele jaar door gevonden worden). Zeer algemeen

Eikengeweizwam

Xylaria hypoxylon Is heel klein en groeit op eikeltjes

Eikentrilzwam

Exidia glandulosa De eikentrilzwam (Exidia glandulosa, syn. Exidia truncata) is een wijdverbreide schimmelsoort, die tot de familie Auriculariaceae behoort. Het is een saprofyt, die vooral op het dode hout van de eik voorkomt, maar ook groeit op dood hout van andere loofbomen.

Fopelfenbankje

Op stronken, stammen en takken van loofbomen (berk, eik, beuk), parasiterend op het mycelium van Elfenbankjes.

Gele trilzwam

Tremella mesenterica De gele trilzwam is het gehele jaar door, maar vooral in voorjaar en late herfst, te vinden op takken van loofbomen en struiken. De soort is algemeen in België en Nederland.

Geweizwammetje

Xylaria hypoxylon De geweizwam is een voorbeeld van de zakjeszwammen, dat grillige vormen aan kan nemen.

Groene knolamaniet

Amanita phalloides De groene knolamaniet (Amanita phalloides) is een van de giftigste paddenstoelen ter wereld. In het Engels wordt de paddenstoel 'death angel' of 'death cap' genoemd.

Groene anijstrechterzwam

Clitocybe odora

Tussen bladeren op matig voedselrijk zand en leem. Saprofiet

Grote kleefparasol

Amanitaceae

Guttatiedruppels

Guttatie is het verschijnsel dat planten of schimmels zoals paddenstoelen vocht met daarin opgeloste stoffen 'uitzweten'. De wortels van een plant nemen water en mineralen uit de bodem op. De opname en verdamping zijn meestal in evenwicht. Maar soms is de worteldruk van de plant zo hoog en de mogelijkheid van verdamping door het blad onvoldoende, zodat er door de nerven via de waterporiën (hydathoden) vocht naar buiten wordt geperst wat vochtdruppels aan de randen van het blad tot gevolg heeft. Guttatie treedt vooral net na zonsopkomst op als de activiteit van de plant toeneemt en de luchtvochtigheid nog hoog is. Op dit moment is de concentratie aan mineralen in de plant relatief groot wat resulteert in een grotere osmotische druk en bijgevolg neemt de plant meer water op. Later verdampen de druppels en blijven de in het vocht opgeloste stoffen (mineralen) als witte vlekjes op de bladpunten achter. Bron: Wikipedia

Heksenboter

Fuligo septica Heksenboter of runbloem is een slijmzwam. Het bestaat uit een geel plasmodium dat zich kan verplaatsen en daarbij een vaak glanzend kruipspoor achterlaat. Heksenboter voedt zich met micro-organismen. Hij komt algemeen voor op dood hout. Bron: Wikipedia

Heksenkring

De ondergrondse zwamvlok van bepaalde paddenstoelensoorten groeit in alle richtingen met ongeveer dezelfde snelheid uit. Daar waar de organische voedingsstoffen in de bodem uitgeput raken, sterft de zwamvlok af. Alleen het buitenste gedeelte van de heksenkring leeft dus. De zich uitbreidende schimmeldraden scheiden enzymen af die de voedingsstoffen beter verteerbaar maken. Onder gunstige omstandigheden komen de vruchtlichamen - de paddenstoelen - uit de grond. Die vormen dan het bovengrondse gedeelte van de heksenkring. De heksenkring blijft zich uitbreiden tot barrières, bijvoorbeeld andere heksenkringen, de groei tegenhouden. Heksenkringen van verschillende soorten kunnen door elkaar heen groeien. De groeisnelheid ligt tussen 99 en 350 mm per jaar. Een van de oudste bekende heksenkringen leeft in Frankrijk, een kring van waarschijnlijk 700 jaar oud met een diameter van 600 m. In tegenstelling tot de hierboven beschreven vrijstaande kringen, blijven aan bomen gebonden heksenkringen veel kleiner. Het betreft hier soorten paddenstoelen die in symbiose leven met de boom. Bron: Wikipedia

Helmmycena

De helmmycena (Mycena galericulata) is een paddenstoel uit de familie Mycenaceae. Bron: Wikipedia

Honingzwammen

Honingzwam (Armillaria) is een geslacht van zwammen, behorend tot de orde Agaricales. De schimmels leven in de wortels van bomen. Aanvankelijk werd slechts de soort Armillaria mellea onderscheiden, maar inmiddels is het geslacht in circa veertig soorten onderverdeeld. De naam honingzwam wordt ook meer specifiek gebruikt voor de echte honingzwam (Armillaria mellea) Bron: Wikipedia

Judasoor (viltig judasoor)

Auricularia mesenterica Behoort tot de trilzwammen. Vormen een sterk heterogene groep.

Knolparasolzwam

De knolparasolzwam (Chlorophyllum rhacodes, synoniem: Macrolepiota rhacodes) is een schimmel uit de familie Agaricaceae. De hoed van de Knolparasolzwam is in de jeugd bolvormig, waardoor de paddenstoel het uiterlijk heeft van een trommelstok. Weldra breekt de bol open en is dan bedekt met regelmatig verspreide, witte tot bruine schubben op een wittige ondergrond. Bron: Wikipedia

Kluifjeszwam

Kluifzwammen (Helvella) is een geslacht van schimmels. Soorten uit dit geslacht komen voor in Noord-Amerika en Europa. Bron: Wikipedia

Meniezwammetje

Het gewoon meniezwammetje (Nectria cinnabarina) is een lid van de klasse der Sordariomycetes dat opvalt als kleine stipjes op dode takken. De zwam komt voor in een zich seksueel voortplantende vorm en in een aseksuele vorm. De laatste staat ook bekend onder de naam Tubercularia vulgaris. Er zijn twee duidelijke stadia bij deze schimmel. Eerst manifesteert het zich in de vorm van lichtroze vlekjes op hout. Er worden talloze ongeslachtelijke sporen gevormd. Deze heten conidia. Het tweede stadium bestaat uit donkerrode wratjes, die de sporenzakjes dragen. Bron: Wikipedia

Rossig buiskussen

Tubifera of buiskussen is een geslacht van protisten uit de familie Tubiferaceae. Het geslacht werd voor het eerst in 1792 wetenschappelijk beschreven door Johann Friedrich Gmelin Bron: Wikipedia

Korsthoutskoolzwam

De korsthoutskoolzwam (Kretzschmaria deusta, synoniemen Hypoxylon deustum en Ustulina deusta) behoort tot de familie van de Xylariaceaen en leeft zowel parasitair als saprofytisch op verschillende loofbomen. Vooral lindebomen en beuken worden door de schimmel aangetast. De korsthoutskoolzwam komt veel voor in Europa en Noord- Amerika en is zowel parasitisch als saprobiontisch, vooral bij beuken. De schimmel veroorzaakt wortelrot en stambasisrot en zelden zacht rot in de hogere delen van de boom. Bron: Wikipedia

Knopschimmel

Spinellus fussiger Is een zwam welke groeit door de hoed van een paddenstoel Bron: Wikipedia

Morielje

Een morielje (Morchella) of morille is een sponsachtig type zakjeszwam met een hoed en een holle steel. De hoed heeft raatvormige lijsten, de zo gevormde holtes zijn bekleed met hymenium. Bron: Wikipedia

 Paarse schijnridderzwam

Lepista nuda De paarse schijnridderzwam heeft een blauwachtig lila tot bruine hoed, die naar de rand toe roze tinten vertoont en bij het opdrogen lichter van kleur wordt. De hoed heeft in jonge staat een vlakke tot gewelfde vorm, later vertoont de rand een golvend patroon. De hoedrand kan daarbij inscheuren. Bron: Wikipedia

 Plooirokje

Het plooirokje (Parasola plicatilis) is een paddenstoel uit de familie Psathyrellaceae. Bron: Wikipedia

 Spekzwoerdzwam

Spekzwoerdzwam of Phlebia tremellosa (voorheen Merulius tremellosus), op sterk verrotte stronken en stammen van loofbomen, vooral berk. Zelden op naaldhout. Bron: Wikipedia
 

Rode boleet

Boletus rubellus
Zuid Hollands landschap
Stinzentuin Mildenburg

Paddenstoelen en mossen

in en rond de tuin

TOP Aardster - Gekraagde aardster Geastrum triplex De Gekraagde aardster is een buikzwam.  Een buikzwam heeft een vruchtlichaam, dat vaak bolvormig, knolvormig, peervormig of stervormig, is. Met een zeer korte steel of zonder steel. De Gekraagde aardster is in Nederland en België de meest algemene aardster. Soms te verwarren met de Roze aardster, de Gewimperde aardster, de Viltige aardster, de Slanke aardster en de Tuinaardster. Deze forse aardster heeft een vruchtlichaam dat aanvankelijk uivormig is. Bij rijping scheurt de houtige buitenwand open en ontvouwt zich tot een ster met 5 tot 7 slippen. Dan komt er een ongesteelde stuifbal tevoorschijn, die perkamentachtig is en een centrale opening heeft. Als de Gekraagde aardster rijp is, verstuift hij sporen via het gaatje aan de bovenkant. De Gekraagde aardster heet gekraagd omdat vaak een deel van de buitenwand niet taai genoeg is om de omkrullende slippen te volgen, daardoor losscheurt en als een kraag om het vruchtlichaam blijft staan. Bron: IVN Voorte-Putten Rozenburg

Bekermos

Cladonia Anders dan de naam doet vermoeden is Bekermos geen mossoort, dus geen plantje, maar een korstmos, een samenlevingsvorm van een wier en een schimmel. Bekermos behoort, evenals rendiermossen en heidestaartjes tot de Cladonia-groep. Van de ongeveer 350 soorten komen er 50 in Nederland voor.

Bloedweizwammetje

Lycogala epidendrum De bloedweizwam of gewone boomwrat (Lycogala epidendrum), soms ook blotebilletjeszwam genoemd, is een slijmzwam. Slijmzwammen zijn geen schimmels maar amoebe-achtige organismen die zich kunnen verplaatsen. In de vegetatieve fase is de kleur van de bloedweizwam rozerood, in de reproductieve fase wordt het organisme grijzig of bruin. De bloedweizwam wordt algemeen in alle werelddelen gevonden. Bron: Wikipedia

Dennevoetzwam

Phaeolus schweinitzii De dennevoetzwam is onder bosbouwers gevreesd, want de paddestoel kan naaldbomen te gronde richten. Het parasitaire karakter (Necrotroof) van de dennevoetzwam betekent , dat-ie zowel op levend als dood hout kan leven. Als zo'n zwam zich op een nog levende boom vestigt, gaat die boom in zijn binnenste en aan zijn wortels rotten. In de stinzentuin leeft hij op een oude stronk

Bundelmycena

Mycena arcangeliana De bundelmycena is een kleine zwam en groeit op dood hout.

Dodemansvingers of Houtknotszwam

Polymorpha Het rechtopstaande, knotsvormig vruchtlichaam heeft een lengte van drie tot acht centimeter en een doorsnede van een tot drie centimeter. Door de donkerbruin tot zwarte kleur en de wratachtige structuur aan de bovenzijde vertoont het uiterlijke overeenkomsten met verbrand hout. De schimmel heeft zijn soortnaam polymorpha ('vele vormen') te danken aan het feit dat er veel afwijkende vruchtlichamen voorkomen, vaak met meerdere vertakkingen. Meestal komen vruchtlichamen groepsgewijs voor, hieraan dankt de soort zijn naam 'dodemanshand' of 'dodemansvingers'.

Donzige korstzwam

Physalacriaceae Groeit op dode takken en stammen van loofbomen (kan het hele jaar door gevonden worden). Zeer algemeen

Eikengeweizwam

Xylaria hypoxylon Is heel klein en groeit op eikeltjes

Eikentrilzwam

Exidia glandulosa De eikentrilzwam (Exidia glandulosa, syn. Exidia truncata) is een wijdverbreide schimmelsoort, die tot de familie Auriculariaceae behoort. Het is een saprofyt, die vooral op het dode hout van de eik voorkomt, maar ook groeit op dood hout van andere loofbomen.

Gele trilzwam

Tremella mesenterica De gele trilzwam is het gehele jaar door, maar vooral in voorjaar en late herfst, te vinden op takken van loofbomen en struiken. De soort is algemeen in België en Nederland.

Geweizwammetje

Xylaria hypoxylon De geweizwam is een voorbeeld van de zakjeszwammen, dat grillige vormen aan kan nemen.

Groene knolamaniet

Amanita phalloides De groene knolamaniet (Amanita phalloides) is een van de giftigste paddenstoelen ter wereld. In het Engels wordt de paddenstoel 'death angel' of 'death cap' genoemd.

Groene anijstrechterzwam

Clitocybe odora

Tussen bladeren op matig voedselrijk zand en leem. Saprofiet

Grote kleefparasol

Amanitaceae

Guttatiedruppels

Guttatie is het verschijnsel dat planten of schimmels zoals paddenstoelen vocht met daarin opgeloste stoffen 'uitzweten'. De wortels van een plant nemen water en mineralen uit de bodem op. De opname en verdamping zijn meestal in evenwicht. Maar soms is de worteldruk van de plant zo hoog en de mogelijkheid van verdamping door het blad onvoldoende, zodat er door de nerven via de waterporiën (hydathoden) vocht naar buiten wordt geperst wat vochtdruppels aan de randen van het blad tot gevolg heeft. Guttatie treedt vooral net na zonsopkomst op als de activiteit van de plant toeneemt en de luchtvochtigheid nog hoog is. Op dit moment is de concentratie aan mineralen in de plant relatief groot wat resulteert in een grotere osmotische druk en bijgevolg neemt de plant meer water op. Later verdampen de druppels en blijven de in het vocht opgeloste stoffen (mineralen) als witte vlekjes op de bladpunten achter.

Heksenboter

Fuligo septica Heksenboter of runbloem is een slijmzwam. Het bestaat uit een geel plasmodium dat zich kan verplaatsen en daarbij een vaak glanzend kruipspoor achterlaat. Heksenboter voedt zich met micro-organismen. Hij komt algemeen voor op dood hout. Bron: Wikipedia

Heksenkring

De ondergrondse zwamvlok van bepaalde paddenstoelensoorten groeit in alle richtingen met ongeveer dezelfde snelheid uit. Daar waar de organische voedingsstoffen in de bodem uitgeput raken, sterft de zwamvlok af. Alleen het buitenste gedeelte van de heksenkring leeft dus. De zich uitbreidende schimmeldraden scheiden enzymen af die de voedingsstoffen beter verteerbaar maken. Onder gunstige omstandigheden komen de vruchtlichamen - de paddenstoelen - uit de grond. Die vormen dan het bovengrondse gedeelte van de heksenkring. De heksenkring blijft zich uitbreiden tot barrières, bijvoorbeeld andere heksenkringen, de groei tegenhouden. Heksenkringen van verschillende soorten kunnen door elkaar heen groeien. De groeisnelheid ligt tussen 99 en 350 mm per jaar. Een van de oudste bekende heksenkringen leeft in Frankrijk, een kring van waarschijnlijk 700 jaar oud met een diameter van 600 m. In tegenstelling tot de hierboven beschreven vrijstaande kringen, blijven aan bomen gebonden heksenkringen veel kleiner. Het betreft hier soorten paddenstoelen die in symbiose leven met de boom. Bron: Wikipedia

Helmmycena

De helmmycena (Mycena galericulata) is een paddenstoel uit de familie Mycenaceae. Bron: Wikipedia

Honingzwammen

Honingzwam (Armillaria) is een geslacht van zwammen, behorend tot de orde Agaricales. De schimmels leven in de wortels van bomen. Aanvankelijk werd slechts de soort Armillaria mellea onderscheiden, maar inmiddels is het geslacht in circa veertig soorten onderverdeeld. De naam honingzwam wordt ook meer specifiek gebruikt voor de echte honingzwam (Armillaria mellea) Bron: Wikipedia

Judasoor (viltig judasoor)

Auricularia mesenterica Behoort tot de trilzwammen. Vormen een sterk heterogene groep.

Knolparasolzwam

De knolparasolzwam (Chlorophyllum rhacodes, synoniem: Macrolepiota rhacodes) is een schimmel uit de familie Agaricaceae. De hoed van de Knolparasolzwam is in de jeugd bolvormig, waardoor de paddenstoel het uiterlijk heeft van een trommelstok. Weldra breekt de bol open en is dan bedekt met regelmatig verspreide, witte tot bruine schubben op een wittige ondergrond. Bron: Wikipedia

Kluifjeszwam

Kluifzwammen (Helvella) is een geslacht van schimmels. Soorten uit dit geslacht komen voor in Noord-Amerika en Europa. Bron: Wikipedia

Meniezwammetje

Het gewoon meniezwammetje (Nectria cinnabarina) is een lid van de klasse der Sordariomycetes dat opvalt als kleine stipjes op dode takken. De zwam komt voor in een zich seksueel voortplantende vorm en in een aseksuele vorm. De laatste staat ook bekend onder de naam Tubercularia vulgaris. Er zijn twee duidelijke stadia bij deze schimmel. Eerst manifesteert het zich in de vorm van lichtroze vlekjes op hout. Er worden talloze ongeslachtelijke sporen gevormd. Deze heten conidia. Het tweede stadium bestaat uit donkerrode wratjes, die de sporenzakjes dragen. Bron: Wikipedia

Rossig buiskussen

Tubifera of buiskussen is een geslacht van protisten uit de familie Tubiferaceae. Het geslacht werd voor het eerst in 1792 wetenschappelijk beschreven door Johann Friedrich Gmelin Bron: Wikipedia

Korsthoutskoolzwam

De korsthoutskoolzwam (Kretzschmaria deusta, synoniemen Hypoxylon deustum en Ustulina deusta) behoort tot de familie van de Xylariaceaen en leeft zowel parasitair als saprofytisch op verschillende loofbomen. Vooral lindebomen en beuken worden door de schimmel aangetast. De korsthoutskoolzwam komt veel voor in Europa en Noord-Amerika en is zowel parasitisch als saprobiontisch, vooral bij beuken. De schimmel veroorzaakt wortelrot en stambasisrot en zelden zacht rot in de hogere delen van de boom. Bron: Wikipedia

Knopschimmel

Spinellus fussiger Is een zwam welke groeit door de hoed van een paddenstoel Bron: Wikipedia

 Paarse schijnridderzwam

Lepista nuda De paarse schijnridderzwam heeft een blauwachtig lila tot bruine hoed, die naar de rand toe roze tinten vertoont en bij het opdrogen lichter van kleur wordt. De hoed heeft in jonge staat een vlakke tot gewelfde vorm, later vertoont de rand een golvend patroon. De hoedrand kan daarbij inscheuren. Bron: Wikipedia

 Plooirokje

Het plooirokje (Parasola plicatilis) is een paddenstoel uit de familie Psathyrellaceae. Bron: Wikipedia

 Spekzwoerdzwam

Spekzwoerdzwam of Phlebia tremellosa (voorheen Merulius tremellosus), op sterk verrotte stronken en stammen van loofbomen, vooral berk. Zelden op naaldhout. Bron: Wikipedia

Rode boleet

Boletus rubellus
Zuid Hollands landschap